Steeds meer organisaties opereren internationaal. Besluiten worden genomen op een hoofdkantoor in het buitenland, terwijl de gevolgen merkbaar zijn op de werkvloer in Nederland. Dat roept bij veel ondernemingsraden dezelfde vraag op: hoeveel invloed heb je eigenlijk nog als OR wanneer de besluitvorming buiten Nederland plaatsvindt?
Op het eerste gezicht lijkt het alsof de OR in zo’n situatie buitenspel staat. Zeker wanneer een Nederlandse bestuurder aangeeft weinig tot geen invloed te hebben op besluiten die internationaal worden genomen. Toch is dat beeld niet juist. Ook in een internationale context zijn er wel degelijk mogelijkheden om invloed uit te oefenen.
Waar kijkt de rechter naar?
De Wet op de ondernemingsraden zegt zelf weinig over internationale structuren. In de praktijk is daarom vooral de rechtspraak bepalend geworden. Daarbij draait het telkens om één centrale vraag: in hoeverre heeft de Nederlandse bestuurder invloed op de besluitvorming?
Als een bestuurder betrokken is bij internationale besluitvorming, bijvoorbeeld als lid van een internationaal managementteam, dan is er sprake van toerekening. Dat betekent dat internationale besluiten worden gezien als besluiten van de Nederlandse bestuurder. In dat geval gelden de normale rechten van de OR, zoals advies- en instemmingsrecht, gewoon.
Wanneer de bestuurder géén invloed heeft, maar besluiten vanuit het buitenland wél impact hebben op de Nederlandse organisatie, kan sprake zijn van mede-ondernemerschap. In die situatie kan de OR zich rechtstreeks richten tot het internationale hoofdkantoor.
Een praktijkvoorbeeld
In een organisatie met een hoofdkantoor in het Midden-Oosten liep een OR tegen precies dit probleem aan. De Nederlandse bestuurder gaf aan geen invloed te hebben op de besluiten die werden genomen, terwijl de gevolgen wel degelijk groot waren.
De OR besloot, met medeweten van de bestuurder, rechtstreeks contact te zoeken met het hoofdkantoor. In een brief werd duidelijk gemaakt dat belangrijke wijzigingen niet konden worden doorgevoerd zonder betrokkenheid van de OR.
Dat bleek effectief. Waar de OR eerder niet werd meegenomen, ontstond er daarna wél ruimte om tijdig betrokken te worden.
Wat betekent dit voor de praktijk?
De belangrijkste les is dat invloed niet automatisch verdwijnt zodra besluitvorming internationaal wordt. Maar het vraagt wel om een actievere houding van de OR.
Het begint met inzicht: wie neemt de besluiten en waar zit de echte invloed? Pas als dat helder is, kun je bepalen welke route het meest effectief is.
Daarnaast speelt relatie een grote rol. Niet alleen met de Nederlandse bestuurder, maar juist ook met internationale stakeholders. Denk aan leden van het internationale managementteam of de raad van commissarissen. Een directe lijn kan het verschil maken tussen achteraf reageren en vooraf betrokken zijn.
Ook het artikel 24-overleg kan hierin een belangrijke rol spelen. Dit is bij uitstek het moment om verwachtingen uit te spreken en afspraken te maken over betrokkenheid bij toekomstige besluiten.
7 tips om je invloed te vergroten
Hoewel elke situatie anders is, zien we in de praktijk een aantal aanpakken die vaak goed werken:
- Schakel waar nodig een externe deskundige in
- Maak afspraken over betrokkenheid, bijvoorbeeld via een ondernemingsovereenkomst
- Investeer actief in relaties, ook op internationaal niveau
- Gebruik het (versterkt) aanbevelingsrecht om invloed uit te oefenen via toezicht
- Leg uit wat de meerwaarde van de OR is (internationaal is dit niet vanzelfsprekend)
- Kom zelf met alternatieven en denk mee, niet alleen toetsen
- Werk bij spanningen met gezamenlijke werkgroepen of commissies
Tot slot
Een internationale context maakt het werk van de ondernemingsraad complexer, maar zeker niet onmogelijk. De invloed van de OR hangt in grote mate af van hoe goed je zicht hebt op de besluitvorming en hoe actief je positie inneemt.
De vraag is dus niet óf je invloed hebt, maar vooral: hoe benut je die?
Hulp nodig?
Internationale structuren maken medezeggenschap vaak complexer. We begeleiden ondernemingsraden regelmatig bij dit soort vraagstukken, van het scherp krijgen van je positie tot het voeren van het juiste gesprek.
Wil je sparren over jullie situatie? We denken graag met je mee.
Auteur: Michel Brender à Brandis, Trainer & Adviseur
Meer leren?
Nog niet uitgeleerd over dit onderwerp?
Luister dan ook naar onze podcast met de titel ‘medezeggenschap in internationale context’

Veelgestelde vragen over de invloed van de OR bij overname
Heeft de OR invloed bij internationale besluitvorming?
Ja, afhankelijk van waar de invloed ligt in de organisatie.
Wat als de bestuurder geen invloed heeft?
Dan kan de OR zich rechtstreeks richten tot het internationale hoofdkantoor.
Wat is toerekening?
Dat internationale besluiten worden gezien als besluiten van de Nederlandse bestuurder.
Meer lezen?
Samenwerken met de bestuurder: van overleg naar echte invloed
Jullie OR-overleggen lopen soepel, maar voelt het ook echt invloedrijk? Ontdek hoe je routine doorbreekt, de rake vragen stelt en samen met de bestuurder een gezamenlijke ambitie formuleert, zodat medezeggenschap van procedure naar betekenis verschuift.
Escaleren als OR: wat kun je doen vóór je naar de rechter stapt?
In deze casus werd Loof betrokken met de vraag wat de OR kon doen nadat de bestuurder geen adviesaanvraag had ingediend. Lees welke stappen je kunt zetten als OR voordat je naar de rechter stapt.
Artikel 24-overleg: 6 tips om er als OR meer uit te halen
Wat houdt dit overleg precies in en hoe kun je er als OR meer strategisch gebruik van maken?
Versterkt aanbevelingsrecht: wat kan de OR hiermee in de praktijk?
Hoe maak je gebruik van het versterkt aanbevelingsrecht? Loof interviewde Jolanda Feller, OR-voorzitter bij PC Uitvaart. Zij vertelt in dit interview wat je als OR kunt met het versterkt aanbevelingsrecht.
